Maastricht Aachen Airport (MAA) en Royal Schiphol Group gaan een strategische samenwerking aan. Schiphol verwerft een 40% belang in de luchthaven MAA voor €4,2 miljoen. Partijen investeren door dit akkoord gezamenlijk in de toekomst van Maastricht Aachen Airport.

De verregaande samenwerking is in lijn met de Luchtvaartnota van het kabinet, verzoeken uit de Tweede Kamer en het amendement van de Provinciale Staten van Limburg. Met deze samenwerking kan MAA zich richten op de ontwikkeling tot een omgevingsbewuste en toekomstbestendige luchthaven. Schiphol en MAA gaan gezamenlijk optrekken om MAA te verduurzamen en elektrisch vliegen wordt een speerpunt. Er komt een omgevingsfonds met bijdragen van overheden en bedrijven waar de Royal Schiphol Group 800.000 euro voor ter beschikking stelt. Daarnaast zetten partijen in op een vergaande kennisuitwisseling op de gebieden vastgoed en commercie.

Uitbreiding vakantieaanbod
De afhandeling van vracht is in de samenwerking met Schiphol een belangrijk onderdeel. Deze activiteit levert een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse vrachtsector en de regionale economie van Limburg. Naast vrachtafhandeling vinden er vanaf MAA passagiersvluchten plaats naar landen als Italië, Portugal, Spanje en Groot Brittannië. In het vakantieseizoen wordt dit aanbod uitgebreid met Mediterrane bestemmingen en Egypte. Maastricht Aachen Airport biedt ruimte aan verschillende onderhoudsbedrijven die samen een maintenancecluster vormen voor de luchtvaart. In 2021 vonden er bijna 13.000 vliegbewegingen plaats op de Limburgse luchthaven, waarvan ruim 5.500 met ‘groot verkeer’.

Belangrijke rol
Robert Carsouw (CFO Royal Schiphol Group): “Onze maatschappelijke rol is Nederland te verbinden met de rest van de wereld. Regionale luchthavens spelen daarin een belangrijke rol. Het idee dat luchthavens in Nederland één systeem vormen, zoals verwoord in de Luchtvaartnota, spreekt ons zeer aan. Door intensief samen te werken en te investeren in Maastricht Aachen Airport delen we kennis en expertise en kunnen we de schaarse capaciteit die er in Nederland is optimaal benutten.”