Voor de tv-serie ‘Een jaar in de Alpen’ trok Carrie ten Napel (journalist en presentatrice) voor Omroep MAX door acht Alpenlanden, van Monaco tot Slovenië. In gesprek met Travelpro vertelt Carrie over haar band met de Alpen, haar studie toerisme, het maken van de serie en waarom ze zich nog altijd thuis voelt in de bergen. ‘Komt mijn studie toerisme eindelijk een keer van pas.’
Foto’s: Paul Lensink (Omroep MAX).
De serie begint met het beeld dat Carrie de gordijnen opent. Palmbomen en een jachthaven verschijnen in beeld. ‘Misschien is dit niet het uitzicht dat je verwacht bij een trektocht door de Alpen. Een goed verhaal over de bergen begint bij de zee’, vertelt ze in de voice-over. Aan de kust van de Middellandse Zee raken de Alpen het water, zo wordt duidelijk wanneer je het opzoekt, en zo bevestigt ook Arie van ’t Hof (honorair consul-generaal). Vanuit Monaco reist Carrie per trein langs de kust naar Menton, om vervolgens door te trekken naar het hooggelegen Sainte-Agnès in Frankrijk. De tocht eindigt aan de Adriatische Zee, een oostelijke uitloper van de Middellandse Zee.
Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Kun je meer vertellen over je studie toerisme?
‘Ik studeerde aan het NOTKA (Nederlands Opleidingscentrum voor Toeristisch Kader), een particuliere toerismeopleiding die niet meer bestaat. Het was in Amersfoort, dat was voor mij lekker dichtbij en ik kon er met de trein heen. Ik deed er een vierjarige opleiding in twee jaar. We gingen drie lange dagen naar school en twee dagen aan zelfstudie. Ik wilde eigenlijk journalistiek gaan doen en was er ook voor ingeloot, maar heel veel mensen dachten dat ik er niet geschikt voor was. Toen ging er een aantal meiden naar NOTKA en ik was altijd wel reislustig, dus het leek mij ook wel leuk. Maar ik had niet voor ogen wat ik ermee zou willen. Ik besloot toerisme te gaan studeren en na de opleiding wel weer verder te zien. We hadden pech dat de school in het tweede jaar failliet ging. Het was veel stampwerk, het leukste vond ik mijn stage op het hoofdkantoor bij Arke Reizen in Enschede. Ik heb er drie maanden stagegelopen en kreeg ook direct een baan aangeboden, maar ik vond mezelf iets te jong om op mijn negentiende al fulltime aan de slag te gaan. Ik ben naar Oostenrijk gegaan en heb er twee jaar gewerkt en gewoond in het winter- en zomerseizoen. Dat waren twee topjaren. Nu ik voor Omroep MAX op reis ging door de Alpen zei ik: ‘Komt mijn toerismeopleiding eindelijk een keer van pas’.’
Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Heb je nog contact met medestudenten van je NOTKA-tijd?
‘Eén vriendin is stewardess geworden en een paar anderen zijn volgens mij wel in het toerisme gebleven. Laatst kwam ik nog een klasgenoot tegen die in het toerisme terecht is gekomen, maar ik herinner me vooral dat we allemaal aan het stoeien waren tijdens die opleiding. Zeker het tweede jaar, toen we wisten dat de school failliet ging en er docenten weggingen. Het was een beetje triest eigenlijk.’
Misschien was je carrière wel heel anders gelopen als de opleiding niet failliet was gegaan.
‘Dat had zomaar gekund. De reiswereld is in ieder geval een hartstikke leuke wereld.’
‘Het leukste vond ik mijn stage op
het hoofdkantoor bij Arke Reizen’
Kom je weleens in een reisbureau?
‘Nee, ik heb een partner die heel erg van het uitzoeken is. Dat is ook niet aan mij besteed. Dingen als ticketing, uitzoeken en uitrekenen vond ik tijdens mijn studie al niks. Als ik in de reiswereld werkzaam was gebleven, dan was ik denk ik de reisleiding ingegaan of stewardess geworden. Op locatie zijn, onderweg, dat avontuurlijke spreekt mij meer aan dan het uitzoeken en samenstellen van reizen.’
Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Ze zeggen wel dat de vrouw in het gezin vaak bepaalt waar de vakantie naartoe gaat.
‘Dat is bij ons niet zo. Wij bepalen samen de bestemming, maar ik ben heel volgzaam in wat mijn man uitzoekt.’
Hij zit dus uren op de bank om dat allemaal uit te zoeken.
‘Ja, klopt. Hij kan er uren mee bezig zijn. Ik vind dat zo knap. Ik heb er de rust en het geduld niet voor.’
In de intro zeg je elke keer: ‘Als kind werd ik verliefd op de bergen’. Nu bezocht je in de serie de plekken uit je jeugd. Ben je er nog steeds verliefd op?
‘Mijn vader (Evert ten Napel, red.) was voor zijn werk sportverslaggever en -commentator en daardoor gingen we met het gezin ieder jaar naar de bergen. Ik ben het in mijn jeugd steeds leuker gaan vinden. Het werd iets vertrouwds. Voor mij zijn de bergen altijd een stukje van thuiskomen. Zeker nadat ik er een paar jaar in een afgelegen dorpje heb gewoond en gewerkt, ervaar je het toch weer anders.’
‘De winters worden korter en de zomers langer,
dus steeds meer mensen gaan in de
zomer naar Oostenrijk’
Wat vinden de inwoners, die je hebt gesproken, van het toerisme?
‘Wel goed. Je ziet heel erg de verandering. Vroeger leefden ze veel meer van het winterseizoen en nu zie je dat de zomer veel meer in opkomst is. Toen ik in Zauchensee werkte, was er helemaal niks in de zomer, alleen een paar bussen met bejaarden die er een dagje doorbrachten. Ze hebben er Magic Mountains opgezet om gezinnen met kinderen naar het dorp te krijgen, omdat ze er in de zomer geen inkomsten hadden. Als je ziet hoe druk het daar nu in de zomer is, dan heeft dat effect gehad. Het hotel waar ik heb gewoond en gewerkt heeft nu een rooftopbar met glijbaan buitenom en een zwembad beneden. De winters worden korter en de zomers langer, dus steeds meer mensen gaan in de zomer naar Oostenrijk. Je kon er eerst alleen maar wandelen en picknicken, maar nu zijn er complete speelplaatsen. Wandelen kan je afwisselen met heel veel vertier voor de kinderen. Wat dat betreft is er in de afgelopen 25 jaar wel heel veel veranderd.’
Wat vind je daar zelf van?
‘Ik vind het fantastisch hoe ze het hebben aangepakt. Ik denk dat ze de bergen op een hele goede manier benutten en vind het ook heel slim. Misschien is zo’n rooftopbar met glijbaan wel een beetje te veel, maar geef ze eens ongelijk. Het is ook iets waar mensen voor gaan. Als de kinderen het leuk hebben, kunnen de ouders relaxen in de rooftopbar.’
‘Het moeilijke van vakanties met gezinnen is
dat iedereen in die ene vakantieweek
moet gaan en dat je hutjemutje bij
zo’n lift op elkaar gepropt staat’
Wat vinden de inwoners van de wintersport in de Alpen?
‘Daar denken ze verschillend over. Mijn oude werkgever die dat dorp heeft opgezet, zegt: ‘Vroeger hadden we ook goede en slechte winters en goede en slechte zomers’. Andere hoteliers, waar ik mijn eerste zomer heb gewerkt, denken dat er straks geen gletsjers meer zijn. Dat vond ik best wel heftig om te horen. Ze zijn er allemaal volop mee bezig hoe ze zo goed mogelijk met het klimaat kunnen omgaan en hebben allemaal ongelooflijk veel liefde en respect voor de natuur. Maar ze worstelen er wel mee. Ik had me nooit gerealiseerd dat ze de liften steeds moesten verplaatsen, omdat de gletsjer terugloopt. Uiteindelijk zijn er gebieden waar ze stoppen met de mogelijkheid om te skiën. Daar pakken ze het op een andere manier aan en gaan ze met de tijd mee.’
Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Je gaat zelf na het maken van deze serie nog wel met een goed gevoel op wintersport?
‘Afgelopen winter was er niet veel sneeuw in de krokusvakantie en was de afdaling naar ons appartement opgespoten. Dat vind ik wel lastig. Tegelijkertijd hebben we direct geboekt voor het volgende jaar. Het is een heel lastig onderwerp, want je wil niet opgeven waar je zoveel van houdt. Er ligt ook een verantwoordelijkheid bij de overheid, tot hoever zij het laten gaan. Het is niet zo dat skiërs de grootste belasting zijn. Het is een combinatie van heel veel factoren. Het zet je wel aan het denken, maar op dit moment denk ik niet: ‘Ik moet het niet meer doen’. Het is wel goed om er bewust mee om te gaan.’
Is het programma ook gemaakt om de kijker aan het denken te zetten?
‘Ja, deels de liefde voor de bergen, om te laten zien hoe mooi het is, maar ook om te laten zien waar de inwoners in de brede zin mee te maken hebben. Je ziet mensen uit de stad die naar de bergen trekken om hun kinderen daar te laten opgroeien, het gaat over het oorlogsverleden en dat je je realiseert dat het nu niet heel veel beter is in de wereld. Het is een programma dat je aan het denken zet, maar waar hopelijk vooral de schoonheid en de liefde naar voren komt.’
Kunnen reisprofessionals de Alpen gewoon blijven verkopen?
‘Zeker, je moet er vooral blijven komen. Het moeilijke van vakanties met gezinnen is dat iedereen in die ene vakantieweek moet gaan en dat je hutjemutje bij zo’n lift op elkaar gepropt staat. Het zou beter zijn als het meer verspreid zou kunnen, maar dan moet je de vakanties op een andere manier indelen.’
Bekijk hier de tv-serie ‘Een jaar in de Alpen’.
Foto’s: Paul Lensink (Omroep MAX)