Zonovergoten dagen, een azuurblauwe zee en een geschiedenis die letterlijk op straat ligt, Malta verwelkomt je met open armen. Deze compacte eilandengroep in de Middellandse Zee verrast met levendige steden, verborgen baaien en een keuken waarin mediterrane smaken samenkomen.
Het extra fijne aan Malta is dat je er zó bent. In de zomer vliegt KM Malta Airlines acht keer per week direct vanaf Schiphol, in de winter vijf keer per week. Wat vooral heel fijn is: je komt op tijd aan, waardoor je niet het gevoel hebt dat je eerste dag al half voorbij is. Binnen drie uur zet je voet op Maltese bodem en schakelt je hoofd automatisch naar vakantiemodus. Aan boord van KM Malta Airlines merk je al dat het een maatschappij is die het graag comfortabel houdt. Economy is heel goed te doen (snacks en drankjes koop je aan boord), maar wie business class vliegt, krijgt eten en drinken inbegrepen én de middelste stoel van een rij van drie blijft vrij. Dat zijn van die details waar je meteen blij van wordt.
Malta zelf is klein, maar zeker niet rustig in de zin van ‘er gebeurt niks’. Er wonen ruim 500.000 mensen op een oppervlakte van 316 km². Dat betekent: reuring, leven op straat en altijd wel ergens een plein waar iets te zien is, en waar het simpelweg genieten is.
Anchor Bay en een filmdecor dat bleef staan
Leuk om te zien is het uitzichtpunt bij Anchor Bay, waar je Popeye Village ziet liggen. Ooit gebouwd als filmset voor de speelfilm uit 1979 met Robin Williams, nu een houten dorpje dat nog steeds als decor aanvoelt. Je kunt er ook naartoe, een wandeling maken, een duik nemen in de aantrekkelijke zee die voor de deur ligt of wat eten en drinken.
Lunchen als een Maltezer
Een andere must-do is letterlijk de Maltese keuken induiken. Op Ta’ Ċiċivetta Farm, een prachtig gerestaureerde boerderij uit 1914, kan dat. Samen met lokale chefs vouw je je eigen pastizzi: knapperige deeghapjes met ricotta of erwtenpasta. Maar ook ftira: een rond, plat Maltees brood met een luchtige binnenkant en knapperige korst. Het brood is zelfs UNESCO-immaterieel erfgoed, want dit is niet zomaar ‘een broodje’. Dit is een maaltijd, een traditie, een reden om nog een keer terug te komen. Met zo’n lunch begint een trip meteen goed: lokaal, gezellig en met het soort smaak dat je later thuis ineens mist.
Ssst… Mdina
Met volle buik rijd je vervolgens door naar Mdina, de oude hoofdstad. Zodra je door de stadspoort loopt, gebeurt er iets: het tempo gaat omlaag, het geluid dempt en je voetstappen klinken ineens harder in de smalle straatjes. Mdina heet niet voor niets de Stille Stad. Kalkstenen gevels, elegante details en overal die rust die je in drukke steden vaak moet zoeken. Vanaf de stadsmuren kijk je kilometers ver over het eiland. Net buiten de muren ligt Rabat, waar het dorpsleven juist lekker doordendert: terrassen vol locals, drankjes in de zon en dat fijne gevoel dat je hier net zo goed een middag kunt blijven hangen. Bezoek ook de Dingli Cliffs. Ruig, hoog (zo’n 250 meter boven zee), die zijn zó indrukwekkend dat je vanzelf stiller wordt. Op de rand staat een kleine kapel en voor de kust glinstert Filfla, een onbewoond eilandje. Alles aan deze plek voelt groots en eenvoudig tegelijk.
Valletta: klein, groots, onweerstaanbaar
Valletta ligt als een kroon boven de zee: klein in oppervlakte, groots in uitstraling. Vanaf de Triton Fontein buiten de stadspoort beginnen vaak de stadswandelingen, wat ook een aanrader is. Eenmaal binnen ontvouwt Valletta zich als een openluchtmuseum waar je gewoon doorheen mag lopen, met balkonnetjes vol bloemen en de geur van koffie en versgebakken pastizzi. Opnieuw een tip: bezoek St. John’s Co-Cathedral. Van buiten bijna streng, van binnen een explosie van goud, kleur en marmeren grafstenen. In de kapel hangt Caravaggio’s ‘De onthoofding van Johannes de Doper’. Zo’n schilderij dat je al kent van plaatjes, maar dat in het echt ineens veel intenser voelt. Ook het Grandmaster’s Palace maakte indruk: ooit het machtscentrum van de Orde van Sint-Jan, later Brits bestuur en vandaag een plek waar Malta’s geschiedenis in elke zaal lijkt mee te kijken. Travelpro’s favoriete moment? De Upper Barrakka Gardens. Palmen in de wind, uitzicht op de haven en de Drie Steden, en beneden de Saluting Battery waar dagelijks om 12.00 uur een kanon wordt afgevuurd. Iedereen staat met camera’s klaar, maar toch schrik je een beetje van die dreun. De echo rolt over het water en kaatst terug van de bastions aan de overkant. Heel indrukwekkend.
Oversteken in een dgħajsa
En dan: de oversteek. Beneden bij de kade stap je in een dgħajsa, een traditionele Maltese gondel. In een paar minuten glijd je over het water richting Birgu, de oudste van de Drie Steden. Smaller, stiller, authentieker. Onze tip: blijf hier even staan en kijk uit over het water naar zeilboten die zachtjes schommelen, met Valletta in de verte alsof de stad je toelacht.
Het kleine zusje: Gozo
Laat jouw klanten ook met de ferry naar Gozo gaan. Slechts 25 minuten varen en je belandt in een andere sfeer. Malta is levendig en energiek, Gozo voelt rustiger, groener, alsof de tijd er net iets langzamer gaat. Start de dag in Victoria (Rabat), met de Citadel hoog boven de stad. Terwijl je door de oude straten loopt, zie je hoe Gozo zijn geschiedenis zonder moeite laat zien. Vanaf de vestingmuren kijk je uit over het eiland: kerktorens, glooiende heuvels en in de verte de zee. Het soort uitzicht waar je automatisch je telefoon pakt, maar daarna toch besluit hem weer weg te stoppen, omdat je het even echt wil onthouden. Een andere tip: Xwejni Salt Pans, de vierkante zoutpannen die al zo’n 350 jaar deel uitmaken van het eiland. De zon brandde op de witte zoutkristallen, de golven sloegen tegen de rotsen en je kunt er zout voor thuis kopen in de leuke winkeltjes op de klif. Omdat je soms gewoon een souvenir wil dat niet in een kast verdwijnt, maar op je bord belandt.
Dit artikel staat in Travelpro Middellandse Zeegebied van februari 2026. Meer lezen over dit gebied? Klik dan snel op onderstaande link.