Inge de Boer verhuisde in 2012 voor een jaar naar Milaan. Het wonen in deze Noord-Italiaanse stad beviel haar zo goed, dat ze besloot te blijven. Nu werkt ze onder de naam Milaan met Local als tourleader, schreef een reisgids over Milaan en één over het Comomeer en maakt toeristen en professionals wegwijs in Milaan en omgeving.
Foto’s: Roy Bisschops – ZEROPXL
Hoe heeft de Expo 2015 de stad Milaan blijvend veranderd?
‘Mijn man en ik, beiden opgeleid als architect, besloten in 2012 een jaar naar het buitenland te gaan. De keuze viel op Milaan omdat we de goede hoop hadden dat de Expo Milano 2015, de Wereldtentoonstelling, de kans op werk zou vergroten. In de jaren in aanloop naar het evenement heeft de stad grote stappen genomen: twee moderne wijken werden gerealiseerd (het bekende Bosco Verticale is een van de iconen van deze periode), een nieuwe metrolijn werd versneld aangelegd, de eerste milieuzone werd geactiveerd en aandacht voor duurzamere mobiliteit werd steeds belangrijker. Ook de marketing, die als doel had om Milaan op de kaart te krijgen als bestemming voor een weekend of langer, begon te werken en vruchten af te werpen. Lang was Milaan alleen een bestemming om te gaan winkelen, inmiddels weten steeds meer mensen dat Milaan een uitgebreid aanbod aan musea heeft, heel centraal is gelegen (en dus ook een ideaal vertrekpunt is voor een bezoek aan andere delen van Noord-Italië) en groot, maar toch ook compact is. Inmiddels is het toerisme op zo’n niveau dat men, zeker in bepaalde periodes in het jaar, moet gaan nadenken over het verspreiden van de toeristen over de stad.’
Wat is het grootste misverstand dat mensen over Milaan hebben?
‘Veel mensen denken dat Milaan niet meer te bieden heeft dan de Dom, de Galleria en een groot aanbod aan winkels. Of dat het een grauwe, vieze stad is. Milaan is niet de makkelijkste stad om te ontdekken. Ik raad iedereen ook aan om je op de een of andere manier voor te bereiden op je bezoek. Koop een reisgids, boek een tour of speel een stadsspel om zo in ieder geval wat meer achtergrondverhalen van de stad te leren kennen. Er zijn diverse wijken in de stad die niet bekend zijn, maar wel de moeite van een bezoek waard zijn.’
Voor welk type reiziger is de stad ideaal?
‘Milaan kan door iedereen bezocht worden. Ten eerste is de stad heel goed per trein bereikbaar. Goed om te weten voor de reiziger die het vliegtuig wil vermijden en een lange autorit niet prettig vindt. Kom je met jonge kinderen, dan wissel je een bezoek aan het centrum af met een bezoek aan de minder bekende wijken, waar ze kunnen spelen in een van de vele parken of op de speeltuinen. Met tieners zorg je dat er wat tijd wordt ingepland om te winkelen, of breng je een bezoek aan het bekende stadion San Siro. Wie graag musea wil bezoeken, kan kiezen tussen moderne kunst, musea met aandacht voor kunst uit de renaissance of een aantal musea waarin het design in de spotlight staat. En houd je van natuur? Combineer dan je een bezoek aan Milaan met een week aan bijvoorbeeld het Comomeer of de Oltrepò Pavese.’
Hoe fietsvriendelijk is Milaan?
‘Mijn man en ik kochten op onze eerste dag in Milaan een fiets: de stad is plat, vrij compact en het klimaat is geschikt om er in te fietsen. Hoewel we toen voor gek werden verklaard, zijn er steeds meer Milanezen die begrijpen dat de fiets een van de meest efficiënte vervoermiddelen is in deze stad. Dat wil echter niet zeggen dat het makkelijk is om hier te fietsen. Er zijn, mede dankzij de coronapandemie, steeds meer fietspaden gekomen, maar voor vele automobilisten zijn dit ideale parkeerplekken voor het doen van een snelle boodschap. De auto is voor velen nog heilig en automobilisten voelen zich vaak superieur aan de fietsers. Wanneer je een kruising oversteekt, moet je als fietser dus altijd controleren of een afslaande auto je wel heeft gezien of voorrang geeft. Voor de fietstours die ik samen met een lokale partner organiseer, hebben we dan ook een route uitgestippeld waarbij we zoveel mogelijk op fietspaden fietsen en door parken, om zo te zorgen dat de fietsers een prettige ervaring hebben en vooral van de stad kunnen genieten.’
Welke wijk is op dit moment de ‘place to be’?
‘Milaan heeft het geluk dat het meerdere interessante hotspots heeft. Naast Isola, Porta Romana en Porta Venezia is de wijk NoLo misschien wel de minst bekende. Het is een wijk die nog niet zo lang in opkomst is, maar zeker op het gebied van horeca veel te bieden heeft. Verwacht geen sterrenrestaurants, maar een diversiteit aan bars, pasticcerie voor een goed ontbijt, restaurants met Italiaanse, maar ook exotischere menukaarten, enoteca’s en een aantal boekhandels. Het zal niet iedereen aanspreken om hierheen te gaan, maar voor een jonger publiek is dit zeker de moeite waard.’
Wat mag een bezoeker absoluut niet overslaan?
‘Als je houdt van architectuur en moderne kunst, raad ik aan naar de Fondazione Prada te gaan. Deze voormalige distilleerderij werd gerenoveerd en gebouwd door het Nederlandse architectenbureau OMA, onder leiding van Rem Koolhaas. Wat mij betreft is alleen het gebouw al een bezoek waard. In hallen en de toren zijn deels permanente tentoonstellingen van moderne kunst te bewonderen, deels wisselende exposities. Veel bezoekers willen Het Laatste Avondmaal van Da Vinci bewonderen, maar aangezien het lastig is om daarvoor tickets te bemachtigen, raad ik aan twee alternatieven te overwegen: een bezoek aan de Pinacoteca Brera (inclusief de nieuwe toevoeging van Palazzo Citterio) en/of aan de Pinacoteca Ambrosiana. Beide musea hebben werken van Italiaanse grootmeesters als Tiziano, Caravaggio en Mantegna. In de bibliotheek van de Ambrosiana is daarnaast ook een permanente collectie van schetsen van Da Vinci te bewonderen. Een unieke kans om het werk van de van oorsprong Toscaanse genie van dichtbij te zien. Meng je verder ook gewoon in het Milanese leven. Wandel door de straten en bestel in een bar die je aanspreekt een koffie of aperitivo en laat je opnemen in het leven van de Milanezen.’
Wat is jouw belangrijkste advies aan reisagenten die een unieke stedentrip samenstellen?
‘Laat ruimte in het programma. Om een stad echt te beleven, moet je ook de kans hebben om spontaan ergens naar binnen te wandelen, te vertragen omdat je op een fijne plek zit waar je nog een extra drankje wilt bestellen en de mogelijkheid hebben om gewoon even door die straat die je zo aanspreekt te slenteren.’
Hoe ziet jouw ideale vrije dag in de stad eruit?
‘De dag start met een rustig ontbijt bij een van de vele zaken waar je heerlijke brioches kunt eten. Daarna fiets ik verder naar een museum. Als de kinderen meegaan, wordt het mogelijk een designmuseum of het museum voor natuurwetenschappen. Zonder hen ga ik wat meer de diepte in en bijvoorbeeld naar de Fondazione Rovati. De lunch is eenvoudig, want aan het einde van de middag drinken we met vrienden een aperitivo. In de winter doen we dat thuis, in de zomer het liefst op een locatie met buitenruimte waar ook de kinderen zich kunnen vermaken.’
Dit interview komt uit Travelpro I van dit 2026. Het volledige magazine lees je hieronder.